‘De gezondheidsrisico’s worden onderschat’
Asbest vaak illegaal verwijderd; diverse partijen niet verbaast
Het lukt nog steeds niet om asbest op een verantwoorde manier af te voeren. Slopers en aannemers frauderen volop, zo blijkt. Volgens het rapport ’Naleving Asbestregels’ wordt in Nederland asbest op grote schaal illegaal uit woningen en bedrijfspanden gesloopt. De diverse partijen, VROM, ingenieursbureaus en bedrijven gespecialiseerd in asbestsanering, lijken overigens nauwelijks verbaast over de uitkomsten.
In het vertrouwelijke rapport, dat binnenkort naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, staat dat in vijftig tot tachtig procent van de gevallen asbest zonder vergunning wordt verwijderd. Het zicht op deze afvalstroom ontbreekt volledig. In 'Naleving Asbestregels', dat in opdracht van de ministeries van Sociale Zaken en Milieu is opgesteld, is voor het eerst gepoogd harde fraudecijfers te geven, als vervolg op een uiterst kritisch rapport van de Rekenkamer over deze sector in 2008. Jan Jaap Eikelboom, woordvoerder van VROM: ‘We zijn niet geschrokken van de conclusies. Het was eerder een bevestiging van wat we al vermoedden. Niet voor niets hebben we om dit onderzoek gevraagd.’ De onderzoekers van Bureau Bartels in Amersfoort concluderen dat er in de asbestbranche ’heel veel mis is’. Eigenaren van panden waarin asbest wordt aangetroffen (zo’n zeventig procent van de gebouwen, red.), geven hun probleem doorgaans uit handen. Een gespecialiseerde asbestverwijderaar moet namens hen een speciale sloopvergunning aanvragen. In vijftig tot tachtig procent van de gevallen wordt het asbest echter illegaal door de slopers verwijderd. De eigenaar van het pand blijft wel verantwoordelijk voor deze fraude. Vervolgens wordt in tachtig procent van de gevallen waarin wèl een vergunning is aangevraagd, het sloopafval niet aangemeld voor vervoer, hoewel ook dit verplicht is. Omdat de kankerverwekkende stof op deze manier in de beginfase al uit zicht raakt, is er ook geen controle op het verdere vervoer, de verwerking en de uiteindelijke opslag. Sinds 1993 is toepassing van asbest verboden. Volgens schattingen van het ministerie van sociale zaken overlijden er jaarlijks zevenhonderd mensen als gevolg van het inademen van asbestvezels.
Reden voor de fraude is vooral kostenbesparing. Saneringen , en in het bijzonder die van asbest, zijn duur. ‘Sinds het rapport is uitgebracht, in juli vorig jaar, zijn we dan ook al aan de slag gegaan’, aldus Eikelboom. ‘Door het hebben we het asbestprobleem beter in beeld gekregen en kunnen we de aanpak en het toezicht daarop verbeteren. Vandaar ook de brief naar de Kamer gepland. We hebben eerst met alle ‘spelers’ gesproken, zoals gemeenten, provincies, bedrijven en de Arbeidsinspectie. Nu is het zaak actie te ondernemen. Dus het aanscherpen van controles, het verlenen van vergunningen en het uitreiken van certificaten, maar ook strenger optreden bij overtredingen en hogere boetes.’ Het kabinet werkt aan strengere regels voor het verwijderen van asbest uit gebouwen. De ministers Piet Hein Donner (Sociale Zaken) en Jacqueline Cramer (VROM) benadrukten onlangs dat ze daar al langer mee bezig zijn, omdat hun inspectiediensten - zoals de Arbeidsinspectie - op misstanden bleven stuiten. Denk aan werknemers die werkten met asbest zonder een goed werkplan en werkzaamheden die niet, zoals verplicht, waren aangemeld. Ook werd bij het slopen onvoldoende gedaan om de concentraties asbestvezels in de lucht zo laag mogelijk te houden en werd afval niet goed afgesloten afgevoerd.
Er gelden strenge voorschriften voor het verwijderen van asbest. Het niet volgens de voorschriften verwijderen van asbest is vaak een stuk gevaarlijker dan het laten zitten van dit materiaal. Dit kan het beste worden beoordeeld door een gespecialiseerde instantie. Search is zo’n bureau, dat vanuit haar ervaring in 2009 het boek “Asbestfeiten; pleidooi voor een hernieuwde samenwerking” uitbracht. Volgens manager Hans de Jong komt er op termijn een zogeheten ‘asbestvolgsysteem’. De gegevens van inventarisatie en sloop gaan naar een centraal punt. Als het is goedgekeurd, kan de sanering beginnen. Daarna word gecontroleerd of alles is gebeurd zoals het moet.’ ‘Search is een gecertificeerd bedrijf , dat zich voornamelijk bezig houdt met het inventariseren van gebouwen en objecten, maar ook met het uitvoeren van de eindcontrole na de sanering’, verklaart De Jong, die leiding geeft aan de afdeling Asbest. ‘We hebben jarenlange ervaring op het gebied van: asbestinventarisaties, begeleiding bij asbest- en grondsaneringsprojecten en het opstellen van werkplannen met betrekking tot saneringsprojecten. Hierdoor kunnen we goed inschatten wat er allemaal mis kan gaan.’
‘Overigens kan dat ook al bij de inventarisatie gebeuren’, zo laat De Jong weten. ‘Om een sloopvergunning te krijgen van de gemeente moeten niet-particulieren bij sloop of verbouwing vrijwel altijd vooraf een erkend asbestinventarisatiebureau inschakelen. Met een volledige inventarisatie moet worden aangetoond of en waar zich asbest in een bouwwerk bevindt. Vervolgens moet aangetroffen asbest altijd door een asbestverwijderingsbedrijf worden weggenomen. Dat gebeurt echter lang niet altijd en dat is een kwalijke zaak. De gezondheidsrisico’s worden immers danig onderschat.’
Alle asbest die zich bevindt in een gesloten ruimte, moet te allen tijde worden verwijderd met behulp van de zogeheten containment- en/of couveusetechniek. Alle asbest die aan de buitenzijde van een object zit (dakgevelplaten, open leidingen e.d.) dient te worden verwijderd met behulp van de openluchttechniek. Tenzij sprake is van besmettingsgevaar aan de binnenruimte, dan geldt de containment- en of couveusetechniek. Voor een leek hocuspocus, maar voor een gespecialiseerde asbestverwijderaar als Infinity West/Avenant in Amsterdam dagelijkse kost. Kees Wolters is een van de eigenaren. Hij wil niet echt ingaan op de conclusies uit het rapport, omdat hij het alleen maar kent uit de berichten in de media. ‘Als gecertificeerd bedrijf vind ik het een goede zaak dat er serieus wordt omgegaan met de materie. Jammer is alleen dat we daardoor ook weer in een kwaad daglicht worden gesteld. Bovendien komt er steeds meer regel- en wetgeving en worden administratieve handelingen. Overigens zou ik graag willen weten welke criteria zijn gebruikt om de betreffende rekensommen in het rapport te maken. Want tachtig procent is wel heel erg hoog.’
Het lukt nog steeds niet om asbest op een verantwoorde manier af te voeren. Slopers en aannemers frauderen volop, zo blijkt. Volgens het rapport ’Naleving Asbestregels’ wordt in Nederland asbest op grote schaal illegaal uit woningen en bedrijfspanden gesloopt. De diverse partijen, VROM, ingenieursbureaus en bedrijven gespecialiseerd in asbestsanering, lijken overigens nauwelijks verbaast over de uitkomsten.
In het vertrouwelijke rapport, dat binnenkort naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, staat dat in vijftig tot tachtig procent van de gevallen asbest zonder vergunning wordt verwijderd. Het zicht op deze afvalstroom ontbreekt volledig. In 'Naleving Asbestregels', dat in opdracht van de ministeries van Sociale Zaken en Milieu is opgesteld, is voor het eerst gepoogd harde fraudecijfers te geven, als vervolg op een uiterst kritisch rapport van de Rekenkamer over deze sector in 2008. Jan Jaap Eikelboom, woordvoerder van VROM: ‘We zijn niet geschrokken van de conclusies. Het was eerder een bevestiging van wat we al vermoedden. Niet voor niets hebben we om dit onderzoek gevraagd.’ De onderzoekers van Bureau Bartels in Amersfoort concluderen dat er in de asbestbranche ’heel veel mis is’. Eigenaren van panden waarin asbest wordt aangetroffen (zo’n zeventig procent van de gebouwen, red.), geven hun probleem doorgaans uit handen. Een gespecialiseerde asbestverwijderaar moet namens hen een speciale sloopvergunning aanvragen. In vijftig tot tachtig procent van de gevallen wordt het asbest echter illegaal door de slopers verwijderd. De eigenaar van het pand blijft wel verantwoordelijk voor deze fraude. Vervolgens wordt in tachtig procent van de gevallen waarin wèl een vergunning is aangevraagd, het sloopafval niet aangemeld voor vervoer, hoewel ook dit verplicht is. Omdat de kankerverwekkende stof op deze manier in de beginfase al uit zicht raakt, is er ook geen controle op het verdere vervoer, de verwerking en de uiteindelijke opslag. Sinds 1993 is toepassing van asbest verboden. Volgens schattingen van het ministerie van sociale zaken overlijden er jaarlijks zevenhonderd mensen als gevolg van het inademen van asbestvezels.
Kostenbesparing
Reden voor de fraude is vooral kostenbesparing. Saneringen , en in het bijzonder die van asbest, zijn duur. ‘Sinds het rapport is uitgebracht, in juli vorig jaar, zijn we dan ook al aan de slag gegaan’, aldus Eikelboom. ‘Door het hebben we het asbestprobleem beter in beeld gekregen en kunnen we de aanpak en het toezicht daarop verbeteren. Vandaar ook de brief naar de Kamer gepland. We hebben eerst met alle ‘spelers’ gesproken, zoals gemeenten, provincies, bedrijven en de Arbeidsinspectie. Nu is het zaak actie te ondernemen. Dus het aanscherpen van controles, het verlenen van vergunningen en het uitreiken van certificaten, maar ook strenger optreden bij overtredingen en hogere boetes.’ Het kabinet werkt aan strengere regels voor het verwijderen van asbest uit gebouwen. De ministers Piet Hein Donner (Sociale Zaken) en Jacqueline Cramer (VROM) benadrukten onlangs dat ze daar al langer mee bezig zijn, omdat hun inspectiediensten - zoals de Arbeidsinspectie - op misstanden bleven stuiten. Denk aan werknemers die werkten met asbest zonder een goed werkplan en werkzaamheden die niet, zoals verplicht, waren aangemeld. Ook werd bij het slopen onvoldoende gedaan om de concentraties asbestvezels in de lucht zo laag mogelijk te houden en werd afval niet goed afgesloten afgevoerd.
Asbestinventarisatie
Er gelden strenge voorschriften voor het verwijderen van asbest. Het niet volgens de voorschriften verwijderen van asbest is vaak een stuk gevaarlijker dan het laten zitten van dit materiaal. Dit kan het beste worden beoordeeld door een gespecialiseerde instantie. Search is zo’n bureau, dat vanuit haar ervaring in 2009 het boek “Asbestfeiten; pleidooi voor een hernieuwde samenwerking” uitbracht. Volgens manager Hans de Jong komt er op termijn een zogeheten ‘asbestvolgsysteem’. De gegevens van inventarisatie en sloop gaan naar een centraal punt. Als het is goedgekeurd, kan de sanering beginnen. Daarna word gecontroleerd of alles is gebeurd zoals het moet.’ ‘Search is een gecertificeerd bedrijf , dat zich voornamelijk bezig houdt met het inventariseren van gebouwen en objecten, maar ook met het uitvoeren van de eindcontrole na de sanering’, verklaart De Jong, die leiding geeft aan de afdeling Asbest. ‘We hebben jarenlange ervaring op het gebied van: asbestinventarisaties, begeleiding bij asbest- en grondsaneringsprojecten en het opstellen van werkplannen met betrekking tot saneringsprojecten. Hierdoor kunnen we goed inschatten wat er allemaal mis kan gaan.’
‘Overigens kan dat ook al bij de inventarisatie gebeuren’, zo laat De Jong weten. ‘Om een sloopvergunning te krijgen van de gemeente moeten niet-particulieren bij sloop of verbouwing vrijwel altijd vooraf een erkend asbestinventarisatiebureau inschakelen. Met een volledige inventarisatie moet worden aangetoond of en waar zich asbest in een bouwwerk bevindt. Vervolgens moet aangetroffen asbest altijd door een asbestverwijderingsbedrijf worden weggenomen. Dat gebeurt echter lang niet altijd en dat is een kwalijke zaak. De gezondheidsrisico’s worden immers danig onderschat.’
Asbestverwijdering
Alle asbest die zich bevindt in een gesloten ruimte, moet te allen tijde worden verwijderd met behulp van de zogeheten containment- en/of couveusetechniek. Alle asbest die aan de buitenzijde van een object zit (dakgevelplaten, open leidingen e.d.) dient te worden verwijderd met behulp van de openluchttechniek. Tenzij sprake is van besmettingsgevaar aan de binnenruimte, dan geldt de containment- en of couveusetechniek. Voor een leek hocuspocus, maar voor een gespecialiseerde asbestverwijderaar als Infinity West/Avenant in Amsterdam dagelijkse kost. Kees Wolters is een van de eigenaren. Hij wil niet echt ingaan op de conclusies uit het rapport, omdat hij het alleen maar kent uit de berichten in de media. ‘Als gecertificeerd bedrijf vind ik het een goede zaak dat er serieus wordt omgegaan met de materie. Jammer is alleen dat we daardoor ook weer in een kwaad daglicht worden gesteld. Bovendien komt er steeds meer regel- en wetgeving en worden administratieve handelingen. Overigens zou ik graag willen weten welke criteria zijn gebruikt om de betreffende rekensommen in het rapport te maken. Want tachtig procent is wel heel erg hoog.’
